vvnk_hoofd

Kunstenaars & fabrieken

Korte beschrijvingen

De hieronder vermelde kunstenaars en fabrieken worden beschreven in de publicatie 'Vernieuwing & Bezinning'. Deze is in 2004 uitgegeven door het Drents Museum en Waanders Uitgevers (sinds enkele jaren WBOOKS) in samenwerking met de SSK 1900 en de financiële steun van de VVNK 1900. De beschrijvingen zijn met toestemming overgenomen uit deze publicatie. Auteur: Jan Jaap Heij, (inmiddels oud-)conservator Drents Museum.
Deze beschrijvingen worden in de loop van de tijd aangevuld met korte monografiën over kunstenaars die niet in deze publicatie beschreven zijn.

De totale lijst met kunstenaars is als pdf document te openen en op te slaan.

Raadpleeg alfabetische namenlijst of afbeeldingenlijst of zoek met 1 woord in

kunstenaarslijst kunstenaarsbeschrijving

namenlijst | afbeeldingenlijst

Beschrijving per kunstenaar/fabriek

vorige | volgende

Dit artikel (van de hand van Jan Jaap Heij) is met toestemming van de rechthebbenden (Drents Museum en uitgever WBOOKS BV) ontleend aan het boek 'Vernieuwing & Bezinning' dat niet meer zal worden herdrukt.

124. St. Lukas, NV Kunstaardewerkfabriek
(Utrecht 1909 - 1932 Maarssen)
aardewerkfabriek
St. Lukas dankt zijn oprichting aan het ontslag van Gerardus Offermans bij De Porceleyne Fles in 1898. Offermans had in Delft als technisch directeur een belangrijk aandeel gehad in de ontwikkeling van glazuren met een sterke metaalachtige glans en hij nam deze kennis bij zijn vertrek mee. Na enige omzwervingen, o.a. via de ceramiekfabriek 'Haga' in Purmerend, vestigde hij zich in 1908 in Utrecht. Hier richtte hij in 1909 St. Lukas op, samen met de zakenman A. Enthoven, en met financiële steun van de familie Begeer, eigenaars van de bekende gelijknamige Utrechtse zilverfabriek. In Utrecht zette Offermans zijn experimenten met metaalglans-glazuren voort en ontwikkelde een procédé waarmee hij een nog helderder glans bereikte dan bij De Porceleyne Fles. De productie omvatte aanvankelijk voornamelijk sieraardewerk met decors van gestileerde planten en dieren naar ontwerp van Offermans zelf, terwijl Carel Begeer een aantal modellen ontwierp, evenals enkele beeldjes. Verder werden er tegels gemaakt, naar ontwerp van de beeldhouwer Rien Hack (1871-1939). Het St. Lukas-aardewerk vond al snel gretig aftrek, zodat de fabriek in 1911 moest worden uitgebreid. In 1914 overleed Offermans plotseling, waarna J.C. Heytze (1873-1943), die eerder o.a. bij Rozenburg had gewerkt, de belangrijkste ontwerper werd. De decors werden daarna langzamerhand soberder en abstracter, totdat uiteindelijk alleen nog de prachtige kleuren van het glazuur met zijn karakteristieke 'changeant'-effecten als versiering dienden. Met dit aardewerk heeft Sint Lukas zich een geheel eigen plaats veroverd in de Nederlandse ceramiek uit de eerste decennia van de 20ste eeuw.
Ondanks de hoge artistieke kwaliteit van de producten maakte St. Lukas niet veel winst en na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog ging het snel bergafwaarts. In 1923 werd het bedrijf geliquideerd en de bezittingen verkocht aan Heytze en diens collega A. Seinstra (1877-1935), welke laatste al sinds 1909 als schilder bij St. Lukas werkte. Zij zetten de fabriek onder dezelfde naam voort, maar konden het financieel evenmin bolwerken. In 1927 verkochten ze het bedrijf aan een groep investeerders, die het in afgeslankte vorm overbracht naar Maarssen. Daar werd echter geen aardewerk met dure metaalglans-glazuren meer geproduceerd. De economische crisis van 1929 gaf tenslotte de genadeslag en in 1932 ging het bedrijf definitief dicht.


vorige | volgende


View Vereniging Vrienden Nieuwe Kunst 1900 - LinkedIn Group

wijzig lettergrootte

 


koning

Konings Kunst
van Parijs tot de Veluwe,
(auteur Elizabeth Yates)
Schaffelaarsreeks nr. 45,
Uitgave Koninklijke BDU Uitgevers B.V., Barneveld, 2008

essers

Bernard Essers
1893-1945

(auteurs Piet Spijk &
Annemarie Timmer)
Uitgave Drents Museum en Waanders Uitgevers, 2008

moulyn_pub

Simon Moulijn
1866-1948

(auteurs Erik Ariëns Kappers,
Maarten Bunt,
Jan Jaap Heij)
Uitgave Drents Museum, Dordrechts Museum, Goltziusmuseum,
1979